Want deze forten zijn een stukje militair erfgoed dat velen in het buitenland ons benijden.
Het zijn de restanten van een verdedigingsgordel rond Antwerpen. Bedoeld om de vijand buiten te houden. Maar zoals zo vaak met militaire bolwerken het geval is, zijn dergelijke verstevigingen sneller verouderd dan de vijand kan oprukken. Maar dat maakt nu niet meer uit. De verdediging van Antwerpen heeft ons in ieder geval een mooi stukje historisch patrimonium opgeleverd.
Als we dit erfgoed tot zijn recht willen laten komen in onze samenleving, moet er ook gedacht worden aan een zinvolle invulling van de forten. De provincie Antwerpen is daar op sommige plekken al mee bezig. Een mooi voorbeeld is het Fort van Hoboken, waar binnenkort het jongerencollectief Scheld’Apen onderdak krijgt. Dit initiatief zal het fort alleen maar meer grandeur en aandacht geven.
Van een heel andere orde zijn de gebouwen van de Red Star Line aan de Rijnkaai. Die worden volop gerestaureerd en krijgen volgend jaar een tweede leven als museum. Het gebouw, met de geschiedenis die eraan vasthangt, is opnieuw actueel en valt bijzonder in de smaak bij de Antwerpenaren.
En dat terwijl het museum nog niet klaar is.
Oude waardevolle gebouwen een nieuwe invulling geven, leidt bijna altijd tot een succesverhaal. En bovendien is het ook nog eens een bijzonder duurzame en efficiënte manier om met de schaarse ruimte in een stad om te gaan.
In een tijd dat scholen, jeugdbewegingen en andere organisaties van allerlei pluimage schreeuwen om een eigen plekje in de stad, is het meer dan ooit nodig om alle beschikbare ruimte te benutten.
Zeker omdat we tegelijkertijd ook meer groen, pleinen en rustgebieden willen in diezelfde stad. Eindeloos blijven bouwen is geen optie meer.
Wat ons betreft mag de keuze die nu in sommige forten en voor de gebouwen van de Red Star Line wordt gemaakt, een rode draad worden doorheen de stadsontwikkeling die in Antwerpen volop bezig is. En dat kan zeer ver gaan. Tot aan kerken die niet langer meer nodig zijn voor het bedienen van gelovigen.
Patrick Van de Perre Redacteur gvabrieven@concentra.be



Reacties