De bizarre wending die het dossier
van de Oosterweel dit weekend
nam, heeft enkele opmerkelijke
nieuwe elementen in het verhaal
opgeleverd. Zo dreigt vzw Ademloos haar
eigen referendum op te blazen. Tegelijk pleiten
enkele burgemeesters in de Antwerpse
rand voor inspraak in het Oosterweeldebat.
Wat Ademloos betreft: ik kan voorzitter
Wim van Hees wel volgen. Van Hees stelt vast
dat de volksraadpleging, waarvoor hij en zijn
mensen maandenlang weer en wind hebben
getrotseerd, geen voorwerp meer heeft nu de
Vlaamse regering toch al heeft beslist dat ze
geen vrachtvervoer meer in de Kennedytunnel
wil. Met die randvoorwaarde valt de bodem
uit de alternatieve tracés van stRatengeneraal
en Arup/SUM, want die zijn voor
hun financiering afhankelijk van tolheffing
in die tunnel.
Van Hees redeneert: waarom
zou je de mening van de bevolking nog vragen
als alles toch al is beslist? In die omstandigheden
dient de volksraadpleging alleen
nog om de sp.a te ondersteunen in haar eenzame
strijd voor het ’vierde tracé’. En daar is
Ademloos niet voor opgericht.
En dan de kwestie van de randgemeenten.
Die willen inspraak, want hun inwoners
maken ook gebruik van de Antwerpse Ring.
Hier en daar droomt een burgemeester zelfs
al hardop van een eigen lokale volksraadpleging
over de Oosterweel.
Afgezien van de vraag hoe je kan voldoen
aan de wettelijke normen, die bepalen dat
zo’n referendum alleen maar mag antwoorden
op een strikt lokale vraag, vind ik zo’n
oprisping toch wel behoorlijk schaamteloos.
De hele discussie over de Oosterweelverbinding
had nu niet moeten worden gevoerd als
veertig jaar geleden de Grote Ring rond Antwerpen
was aangelegd. De stad had dan een
ringweg gehad die veel beter was aangepast
aan de behoeften van de 21ste eeuw, vergelijkbaar
met die van heel wat andere Europese
steden.
Maar die Grote Ring kwam er niet, omdat
de burgemeesters uit de Antwerpse rand -
veelal van christendemocratische of liberale
signatuur - al die overlast niet wilden op
hun grondgebied. Het was een klassiek geval
van nimby-politiek, waarbij dat letterwoord
staat voor not in my backyard. Dat uitgerekend
diezelfde gemeenten nu invloed willen
uitoefenen op een project waarvan zij alleen
de lusten (een betere doorstroming) maar
niet de lasten (milieu, gezondheid, stedenbouw)
zullen dragen, dat vind ik echt... een
brug te ver.
door LEX MOOLENAAR
De Antwerpse korpschef Eddy Baelemans
is vrijdag op straat overvallen.
Behalve dat hij zijn gsm is
kwijtgespeeld, heeft de grote baas
van de Antwerpse politie ook twee flinke
klappen in zijn aangezicht gekregen. In politiejargon
zeggen ze dan “het slachtoffer werd
ter verzorging naar het ziekenhuis gebracht
en mocht later op de avond huiswaarts
keren”.
Wat opvalt is dat de overval op Eddy Baelemans
bij een hoop mensen tot een spontane
reactie leidt. Op de sociale netwerksite Facebook
is er zelfs een groep geopend om de
korpschef beterschap te wensen. Maar er zijn
ook andere reacties. Van mensen die menen
dat Eddy Baelemans eindelijk zelf aan den lijve
ondervindt hoe erg het wel is gesteld met
de veiligheid in Antwerpen.
Begrijpelijk misschien. Maar dat ook de
Antwerpse korpschef een doelwit kan zijn
van een agressieve straatovervaller zegt weinig
of eigenlijk helemaal niets over de veiligheid
in Antwerpen. Het is niet omdat de
hoogste flik in rang klappen krijgt dat de stad
plots een broeinest van geweld zou zijn en
dat een mens zich niet langer meer veilig kan
voelen op straat. Het is gewoon brute pech,
zoals wel meer mensen het ongeluk hebben
om op een onverwacht moment een louche
figuur met verkeerde bedoelingen tegen het
lijf te lopen. Het kan echt iedereen overkomen,
dat is nu wel gebleken.
De burgers van Antwerpen mogen er sinds
vrijdag in ieder geval van uitgaan dat de politie
meer dan ooit aandacht zal hebben voor
straatgeweld en dito criminaliteit. Niet omdat
de korpschef toevallig zelf in de klappen
heeft gedeeld en evenmin omdat we eraan
twijfelen dat de politie tot op heden te weinig
inspanningen leverde om dergelijk straatschoften
op te pakken en achter tralies te zetten.
Wel omdat iemand die zelf slachtoffer is
geweest van criminaliteit, beter dan andere
mensen beseft welke impact dergelijk incident
heeft. Een inbreuk op je persoonlijke
leven, want dat is elke vorm van geweld, is
geen lachertje.
Van de Antwerpse politie mag verwacht
worden dat ze zich kunnen inleven in situaties
waarmee de Antwerpenaar te maken
krijgt. Het klinkt een beetje cynisch, maar het
inlevingsvermogen van Eddy Baelemans zal
er sinds vrijdag niet op achteruit gegaan zijn.
Of hoe een nare ervaring toch zo zijn goede
kanten heeft. En voor de rest, beterschap meneer
de korpschef.
door PATRICK VAN DE PERRE
Het is een mooi circus, die partij van
Jean-Marie Dedecker. Al maanden
doen rond de lijstvorming in Antwerpen
de wildste verhalen de
ronde, waarin allerlei bekende koppen de
LDD-lijst komen bevolken. Vtm-anker Dany
Verstraeten, acteur Guy Van Sande, LiDéoprichter
Rudy Aernoudt: stuk voor stuk zijn
ze genoemd.
En nu is er spoedarts Luc Beaucourt.
Of toch niet, want Beaucourt zelf zegt
dat hij nog niet heeft beslist. Maar volgens
bronnen binnen de partij is het wél in kannen
en kruiken. Wij kunnen niet meer volgen.
Wél zonneklaar is dat Jürgen Verstrepen
in zijn partij behoorlijk onder vuur ligt. De
man die een BV werd met tv-programma’s
die op controverse dreven, is in zijn politieke
loopbaan zelf een voortdurende bron van
felle twisten. Eerst bij Vlaams Belang, en nu
ook weer bij LDD.
Een belangrijke aanleiding
was zijn boek Zwart op Wit, waarin hij
gehakt maakt van het VB en smeuïge details
verstrekt over de vermeende liefdesaffaire
van Frank Vanhecke en Marie-Rose Morel.
Toen het boek verscheen, zou professor Boudewijn
Bouckaert - de ideoloog van LDD en
een man met veel invloed op Dedecker - zelfs
het vertrek van Verstrepen hebben geëist.
Bouckaert staat niet alleen. De LDD-aanhangers
van Forza Flandria, een virtueel
front van alle rechtse Vlaamse partijen, denken
dat ze hun doel nooit kunnen bereiken
met Verstrepen in hun rangen. Waarom zou
het VB opnieuw in zee gaan met een deserteur
die ook nog eens zwaar natrapt in zijn
boek? Weg met die lastpak!
Tot nu toe heeft Jean-Marie Dedecker zijn
kompaan van het eerste uur niet laten vallen.
Maar de druk op Dedecker is groot. Hij
staat voor een dilemma. Als hij voor Verstrepen
kiest als lijsttrekker in Antwerpen, dan
is dat zeer tegen de zin van een belangrijke
groep in zijn partij. Maar als hij besluit om
Luc Beaucourt vooruit te schuiven, dan is de
kans reëel dat Verstrepen die vernedering
niet pikt en opstapt. Beide opties zijn weinig
wenselijk. En dus wil Dedecker er nog enkele
nachtjes over slapen. Of zou hij stiekem genieten
van de gratis reclame in de media voor
deze politieke thriller?
Overigens: we zijn benieuwd of Beaucourt,
de snelste verkeersdeskundige van Vlaanderen,
LDD eindelijk aan een standpunt over de
Oosterweel kan helpen. Op dit moment heeft
de partij er namelijk twee: Verstrepen is pro
snelle actie en kiest voor de Lange Wapper,
maar senator Lieve Van Ermen is fanatiek tegen.
Wat moet de kiezer daar nu mee?
door Lex MOOLENAAR
Hebben huwelijken van mensen van
Turkse en Marokkaanse herkomst
dezelfde levensduur als huwelijken
van niet-moslims? Dat wilde
Vlaams minister van Gelijke Kansen Kathleen
Van Brempt weten, en dus liet ze het onderzoeken.
Wat blijkt? De Turkse huwelijken
vertonen ongeveer hetzelfde patroon als die
van Vlaamse autochtonen: na tien jaar is
twaalf procent gescheiden. Maar bij de
Marokkanen liggen de cijfers een stuk hoger:
22 procent van de mannen en 17 procent van
de vrouwen scheiden binnen de tien jaar.
Hoe komt dat? Allereerst kent de Marokkaanse
cultuur de belangrijke traditie van
verstoting: een man die zijn vrouw beu is,
dumpt haar gewoon. Daarnaast zijn er heel
wat gedwongen huwelijken, wat de kans op
succes niet bevordert. Ook huwelijken die
alleen maar worden gesloten om een verblijfsvergunning
te bemachtigen, lopen logischerwijze
vaak fout. En daarnaast is er nog
het bredere fenomeen van de huwelijksmigratie,
waarbij partners uit twee landen met
zeer verschillende culturen samen de gulden
middenweg moeten zien te vinden.
Uit de studie van minister Van Brempt blijkt
eens te meer glashelder dat huwelijksmigratie
bijna garant staat voor problemen. Importbruiden
uit Marokko worden door mannen
die hier zijn opgegroeid, vaak onderworpen
aan veel strengere, traditionele normen
dan in Marokko en kwijnen weg. Als zo’n huwelijk
strandt, zijn die vrouwen reddeloos
verloren omdat ze nooit de kans hebben gekregen
om voor zichzelf een weg te zoeken in
onze samenleving. Ze vinden geen werk en
zijn veroordeeld tot de bedelstaf.
Maar ook de geïmporteerde bruidegommen
hebben het zwaar. Omdat ze de taal niet
spreken en onze gebruiken niet kennen, zijn
ze vaak afhankelijk van hun in België opgegroeide
vrouw, met alle nefaste gevolgen van
dien voor hun zelfbeeld en hun huwelijk.
Slotsom: deze nieuwe studie is vooral een
interessant pleidooi tegen de importhuwelijken,
die generatie na generatie nieuwe obstakels
blijven creëren in het integratieproces. En toch blijven de jonge mannen van Marokkaanse
origine halsstarrig kiezen voor
importbruiden, omdat die braver en minder
mondig zouden zijn. En de jonge vrouwen
doen hetzelfde, omdat de jongens van
hier niet voldoen aan hun normen. De overheid
kan de vrije keuze voor een partner natuurlijk
niet beïnvloeden, maar ze kan wel op
grote schaal sensibiliseren tegen huwelijksmigratie.
door Lex MOOLENAAR
Vandaag draait de wekelijkse aflevering
van onze reeks ’De 100 van Antwerpen’
rond de Zoo en zijn negende
directeur Rudy Van Eysendeyk. Een
mooie timing, want de Zoo begint aan een
nieuw seizoen en de directeur heeft zopas
aangekondigd dat hij er eind dit jaar mee
stopt.
Directeur van de Zoo, dat lijkt een droomjob.
Je dagen slijten tussen het groen en de
exotische dieren, wie wil daar niet voor tekenen?
Bovendien is het een functie met veel
aanzien in de stad, want elke Antwerpenaar
beschouwt de dierentuin als een stukje van
zichzelf. Daarbij vergeten we dat de KMDA
(Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde
Antwerpen) ook een instelling is die moet
worden gerund als een bedrijf, wat de droom
al iets minder romantisch maakt.
Vanaf het ontstaan van de KMDA in 1843
tot in de jaren zestig van de vorige eeuw was
de dierentuin vooral een ontmoetingsplaats
voor de bourgeoisie van de stad. De ’betere’
families kwamen er bijeen om hun huwbare
zonen en dochters voor te stellen. In ruil
stortten ze royale giften in de kas van de
KMDA. Dat ging goed, totdat in de jaren zeventig
de entertainmentindustrie explodeerde
en de Zoo zijn monopolie verloor. De verversteende
instelling ging niet mee met de tijd
en verzeilde in financiële problemen.
Toen crisismanager Rudy Van Eysendeyk
in 2001 aantrad, was het vijf voor twaalf. De
nieuwe directeur ontwierp een langetermijnstrategie,
begon te sleutelen aan de ambtelijke
bedrijfscultuur en haalde de KMDA in amper
twee jaar uit de rode cijfers. Tegelijk verbouwde
hij de Zoo ook tot een dierentuin met
minder soorten en betere levensomstandigheden
voor de dieren, zonder dat de grootste
toeristische attractie van het land minder
aantrekkelijk werd voor de bezoekers.
Rudy Van Eysendeyk heeft zijn afscheid
zorgvuldig getimed. Crisisjaren zijn altijd
goed voor de Zoo, want de mensen geven
dan minder uit aan verre reizen en zoeken
hun vertier dichter bij huis. Bovendien wordt
er in mei een olifantenbaby geboren, die zonder
twijfel veel extra bezoekers zal lokken.
Het zou wel eens kunnen dat Van Eysendeyk
straks kan vertrekken na het beste KMDAjaar
ooit, een mijlpaal in de geschiedenis.
Rudy Van Eysendeyk verdient een groots
afscheid, want zelfs Gaia-baas Michel Vandenbosch
noemt hem de beste directeur die
de Zoo ooit heeft gehad en dat wil wat zeggen.
De opvolger van Van Eysendeyk krijgt
het heel moeilijk om hem te doen vergeten.
door Lex MOOLENAAR
In de wandelgangen van de Antwerpse
gemeenteraad werd gisteren veel
gepraat over vzw De Trotter en voorzitter
Ludo Van Campenhout, een affaire die
vorige week aan het licht kwam na een klacht
bij het parket. Hugo Coveliers (Vlott) vraagt
een grondige audit van de vzw, zoals die
enkele maanden geleden ook is uitgevoerd
bij zaalvoetbalclub Forcom.
Dat bij Forcom niet alles verliep zoals het
hoort, lijkt me een understatement. Wat De
Trotter betreft, zal dat nog moeten blijken.
Voorlopig geniet het bestuur het voordeel
van de twijfel. Maar beide zaken geven ons
wel een ongemakkelijk gevoel. Na het annus
horribilis 2003, waarin de Visa-crisis aanleiding
gaf tot een ware politieke revolutie,
creëerde het politieke milieu de indruk dat
zoiets in Antwerpen nooit meer kon gebeuren.
Er kwamen een deontologische code en
een Bureau voor Integriteit. Toch krijgen we
stilaan het gevoel dat de normen weer aan
het vervagen zijn.
In het verleden speelden veel schimmige
affaires zich af in de talloze vzw’s die als
satellieten rond de stedelijke administratie
cirkelden. Dat landschap is vrij grondig gesaneerd.
In plaats van de vzw’s is een aantal
autonome stedelijke bedrijven opgericht,
die het beleid in praktijk moeten omzetten op
het gebied van vastgoed (Vespa), parkeren
(Gapa), sociale huisvesting (Woonhaven)
en zorg (Zorgbedrijf). De hamvraag luidt nu:
worden die autonome bedrijven politiek beter
gecontroleerd dan de vroegere vzw’s?
De autonome bedrijven maken het mogelijk
om managers aan te trekken die kunnen
worden vergoed buiten de limieten van de
ambtenarenweddes. De directeur van een
van die bedrijven verdient jaarlijks 200.000
euro plus een bonus van dertig procent. Dat
is meer dan het dubbele van de stadssecretaris.
Ondertussen mogen topambtenaren na
een slechte evaluatie gewoon doorwerken
met behoud van hun wedde, maar met een
licht gewijzigd statuut. Is dat allemaal normaal?
Tenslotte gaat het toch om geld van de
belastingbetaler. En in welke mate mogen
al die managers en topambtenaren hun zin
doen zonder veel controle van de politiek?
Wij zijn niet de enigen die de huidige evolutie
met ongerustheid bekijken. Sommige
waarnemers vinden dat de politici twee maten
en gewichten hanteren: in de onderhandelingen
met het overheidspersoneel gedragen
ze zich als supersaneerders, maar ondertussen
is hun controle op de dochters van de
stad quasi nihil. Is de stad wel goed bezig?
door Lex MOOLENAAR
Het is al langer bekend dat de stad de
voorbije week Kaaitafels organiseerde
om de bevolking inspraak te
laten hebben in de renovatie van
de Scheldekaaien. Aan één van die discussietafels
zat een man aan uit Scheldeken.
Scheldeken
is een piepkleine straat, parallel aan
de Plantinkaai. Iemand vroeg de man hoe
het is om aan de kaaien te wonen. Hij had
geen idéé. Want hij kwam daar nooit. Maar ’o
wee’ als iemand aan de kaaien zou raken.
Dan wilde hij zijn zeg doen.
De anekdote zegt veel over hoe Antwerpen
en de Antwerpenaars vergroeid zijn met
’hun’ Scheldekaaien. Het lijkt wel of iedereen
er zijn eigen plekje claimt. Deze week werd
tastbaar dat Antwerpenaars en bezoekers
van de Scheldestad ’iets’ hebben met het water.
Dat iets is moeilijk uit te drukken, maar
wel uit te leggen met alweer een boutade. De
architecten kregen de opdracht om de waterkeringsmuur
op te trekken van 1,35 meter
naar 2,25 meter. Dat is een veilige Sigmahoogte
die springtijen kan weerstaan. Maar
over zo’n schutting kan geen mens nog een
blik werpen. Dus hoe rijm je zoiets?
De taak
van de architecten en landschapstekenaars
was dus een nieuwe kaai te ontwerpen met
een muur: “Zet die muur en zorg dat we ervoor
applaudiseren, dat we hem niet zien.”
Tot daar de onmogelijk gewaande opdracht.
Maar de Portugees-Vlaamse ploeg
architecten tekende een mooi landschap bij
elkaar. Raar genoeg zorgden ze bij de eerste ruwe
schetsen - het Masterplan wordt pas tegen
het einde van het jaar verwacht - voor een
vrij grote instemming. Hun tekeningen vielen
bijna naadloos samen met de wensen van
de 800 Antwerpenaars die meewerkten aan
de visie van de bevolking op de renovatie. En
de stadsbouwmeester werd ook al gerustgesteld.
Dus we kunnen het over grote projecten
ook eens zijn. Al dient gezegd dat de heraanleg
van de kaaien niet dadelijk controversen
oproept. Het moest sowieso gebeuren.
Maar de manier waarop kon wel betwistingen
inhouden. Maar er zit grandeur in en zin
voor vernieuwing, naast het behoud van het
ruwe karakter van de oude dokkerskaai. De
eerste synthese ziet er goed uit, maar de kwalitatieve
standaard word bewaakt.
Want tijdens het panelgesprek zegde iemand
dat de kaaien het buitenverblijf van de
Antwerpenaar zijn. Als dat zo is, kunnen we
er zeker van zijn dat elke stap van de renovatie
streng wordt gevolgd.
door Johan VAN BAELEN
Het Antwerpse parket onderzoekt
een klacht die vorig jaar is ingediend
tegen vzw De Trotter. Voorzitter
van die vereniging is Ludo
Van Campenhout, ’superschepen’ en boegbeeld
van Open Vld in Antwerpen. De klacht
gaat over de manier waarop De Trotter is
beheerd en over de vermeende vermenging
van charitatieve en politieke belangen.
De Trotter, een vzw die in 1998 is opgericht,
was een heel goed en nobel idee. Schoolmoeë
jongeren uit het deeltijds onderwijs,
ex-gedetineerden en langdurig werklozen
zouden worden ingezet bij de restauratie van
schooltjalken om werkervaring op te doen en
in de hoop dat ze zouden wegblijven van allerlei
foute activiteiten. Prachtig, toch?
Maar anno 2009 zou De Trotter aankijken
tegen een schuldenberg van 200.000 euro.
Volgens initiatiefnemer Wim Van Dun, een
voormalige kabinetsmedewerker van Van
Campenhout, zou het ook al twintig maanden
geleden zijn dat de laatste vergadering
van de raad van bestuur heeft plaatsgevonden.
Als dat klopt, dan is dat flagrant in strijd
met de wet op de vzw’s. En voorzitter Van
Campenhout kan onmogelijk beweren dat
hij dat niet weet.
Maar dat is nog niet alles. Van Dun beweert
ook dat Van Campenhout hem in 2006 wilde
belonen voor zijn inzet door hem vijftien
overuren per week toe te kennen. Als dat
waar zou zijn, dan is zo’n constructie verdacht
gerommel in de marge, iets wat in Antwerpen
absoluut niet meer mag kunnen na
al het gedoe dat we hebben meegemaakt ten
tijde van de Visa-crisis.
Van Dun signaleert ook verdachte boekhoudkundige
een-tweetjes tussen De Trotter
en de Vriendenkring Ludo Van Campenhout,
die de verkiezingscampagnes van de politicus
patroneert. Het parket moet dat eerst allemaal
maar eens goed bekijken, maar bronnen
binnen de raad van bestuur van De Trotter
bevestigen ons dat er toch wel iets aan de
hand is.
Ludo Van Campenhout heeft zich de voorbije
jaren gemanifesteerd als een waardevolle
schepen met een intelligente visie op
de ontwikkeling van de stad. Helaas duikt
zijn naam geregeld op in het roddelcircuit en
wordt hij te vaak in verband gebracht met figuren
met een bedenkelijke reputatie.
Van
Campenhout, die is opgegroeid in het Merksemse
café van zijn ouders, heeft nog steeds
de horeca-reflex om iedereen tevreden te
willen stellen. Hij zou moeten leren om op
de juiste momenten nee te zeggen.
door Lex MOOLENAAR
Door te stellen dat de Vlaming verwacht
dat de Vlaamse regering
zeker tot Pasen blijft doorwerken
en best tot na die vakantieperiode
wacht met het voeren van kiescampagnes,
tracht Vlaams minister-president Kris Peeters
(CD&V) het politieke opbod buiten zijn
regering te houden. Maar slaagt hij daarin?
En indien niet, hoe zit het met Oosterweel?
De Oosterweelverbinding, ooit een exponent
van Vlaamse eensgezindheid, is tegen
het einde van de Vlaamse regeerperiode uitgegroeid
tot een splijtzwam. Zowat alle politieke
fracties hebben een standpunt dat, al
of niet gewijzigd, nog moeilijk uit de loopgraven
zal worden getild. Dat is des te droeviger
omdat hiermee de welvaart van een regio en
de welstand van een landsdeel op de helling
komen te staan.
Waarom kunnen ze daar in Brussel dan opeens
niet meer beslissen? Wellicht omdat ze
met elkaar in de clinch gaan of op zijn minst
omdat ze elkaar in de tang hebben. Zo was er
deze week geruzie over de aanmoedigingspremie
voor wie minder wil gaan werken.
Frank Vandenbroucke (sp.a) en Dirk Van
Mechelen (Open Vld) stonden tegenover elkaar
in de ring. Uitsluitsel wellicht vrijdag op
de ministerraad.
Minister-president Kris Peeters wil dat de
tweede sluis in de Waaslandhaven er komt.
Wil de sp.a niet mee, dan ontstaat - via een
njet van CD&V - een probleem met het nieuwe
stadion dat de stad zo graag wil.
Diezelfde sp.a heeft het ineens moeilijk
met BAM. De partij stuurt Robert Voorhamme,
die niet meer opkomt bij de verkiezingen,
in de wei om nog een studie over Oosterweel
te vragen. Open Vld en CD&V willen
een snelle beslissing over dit project en
talmen met het goedkeuren van de Brabo II-projecten,
zoals de tramverlenging naar Ekeren,
het platgooien van de Noorderlaan-viaduct
en de herinrichting van het Operaplein,
onder meer voor beter openbaar vervoer.Dat
dit uitgesproken sp.a-wensen zijn, hoeft geen
betoog. Maar die partij voelt zich in de hoek
gezet. Als er niet over Oosterweel wordt beslist,
krijgt sp.a de zwartepiet doorgespeeld.
De Oosterweelverbinding lijkt het kind van
de rekening te worden. Dat zou spijtig zijn,
want een politieke ruzie dient tot niets. Niet
voor de huidige regering, die altijd een toonbeeld
van samenwerking was. Een toekomstige
coalitie is er evenmin mee gebaat. Maar
vooral de Vlaming verliest hier. Want Oosterweel
is goed voor de Antwerpse economie en
dus voor de Vlaamse.
door Johan VAN BAELEN
Deze week staat Antwerpen in het
teken van zijn drie grootste infrastructuurprojecten
voor de
komende decennia. Gisteravond
boog de gemeenteraad zich over het voetbalstadion,
vandaag bekijkt het Vlaams Parlement
de Oosterweelverbinding en donderdagavond
start een driedaags symposium
over de heraanleg van de Scheldekaaien.
Allereerst: het stadion. Nadat Dirk Van Mechelen
op zijn nieuwjaarsreceptie Petroleum
Zuid (IPZ) feestelijk had uitgeroepen tot de
uitverkoren locatie, onthulden wij op 26 januari
de inhoud van een geheime nota met
alle afspraken tussen de Vlaamse regering en
het stadsbestuur.
Daaruit bleek onder meer
dat Vlaanderen zal zorgen voor een bijkomende
tramlijn naar het stadion, een openbaarvervoerplein
en een tramstelplaats in de
berm van de Ring. Sindsdien is het dossier
helemaal stilgevallen.
In de wandelgangen vernemen we dat Van
Mechelen voor zijn beurt zou hebben gesproken
en dat er zeker nog geen eensgezindheid
zou zijn over alle punten en komma’s in het
dossier. Vraagtekens dus.
Ook de verkoop van de IPZ-gronden naast
de stadionsite aan Patrick Vanoppen, de
would-be grootaandeelhouder van Germinal
Beerschot, blijft schimmig. Het stadsbestuur
en de Vlaamse administratie beweren
bij hoog en laag dat ze daarover vooraf niet
zijn ingelicht. Bevoegd federaal minister Steven
Vanackere (CD&V) blijft volhouden dat
dit wél is gebeurd. Iemand is aan het liegen,
maar wie? Is dit pre-electoraal gespin?
Het dossier van de Oosterweel dan. Dat is
al helemaal in de ban van de verkiezingen.
We vragen ons af welk wit konijn ministerpresident
Kris Peeters uit zijn hoed kan toveren
om de standpunten van Open Vld (pro
BAM) en sp.a (pro Arup/SUM, het vierde tracé)
te verzoenen. De kans is groot dat dit niet
lukt en dat er voor de verkiezingen van juni
geen definitieve keuze wordt gemaakt.
Wellicht brengt de tweede helft van de
week beter nieuws. De eerste fase van het
masterplan voor de Scheldekaaien is afgerond.
De ontwerpers hebben de kaaien in
zones verdeeld, die elk een eigen bestemming
krijgen in het geheel.
Een tip van de
sluier: een stuk rivierpark bij de Droogdokken,
een recreatieve zone tussen het Eilandje
en de Sint-Jansvliet, een strook voor rustzoekers
op het Zuid en Sint-Andries... Woensdag
weten we meer over het ontwerp, een groots
project voor al wie van Antwerpen en zijn
Schelde houdt.
Lex MOOLENAAR