Het lijkt wel alsof iedereen plots een uitgesproken mening heeft over de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS). Het systeem om de meest uiteenlopende vormen van overlast aan te pakken met een GAS-boete of vervangende taakstraf is niet nieuw. En het systeem werkt wat ons betreft goed. Dankzij deze vorm van berisping slaagt de stad Antwerpen erin om de meest irritante vormen van overlast aan te pakken. Met redelijk succes.
Laten we dus vooral niet twijfelen aan het nut van dergelijke sancties omdat toevallig de gemeenteraadsverkiezingen in aantocht zijn. Of omdat het gemeentebestuur van Mol heeft bedacht dat mensen laten schrikken voldoende is om iemand een overlastboete te geven. In het debatprogramma Wakker op Zondag van de regionale televisiezender ATV waren GAS-boetes zondagochtend onderwerp van gesprek. Aan de gesprekstafel zat een bonte verzameling van sp.a, Groen, N-VA en Vlaams Belang.
Op het einde van het gesprek was de conclusie duidelijk. Elke partij rond de tafel ziet het nut van GAS-boetes in. Wanneer en hoe de boetes het best worden toegepast, is een andere discussie. En daarover bestond uiteraard minder eensgezindheid bij de verschillende politieke partijen. Duidelijk is dat GAS-boetes geen middel mogen worden om burgers te pesten. Vaak, misschien nog te vaak, is het de verbaliserende ambtenaar die beslist of een of ander feit in aanmerking komt om een GAS-boete te schrijven.
Wanneer zijn jongeren een vorm van overlast? Als ze met twintig een plein terroriseren zeker wel. Als ze met drie op een bankje net iets te luidruchtig zitten te wezen liever niet. Jongeren worden naar onze smaak net iets te vaak met overlast geassocieerd. En dat kan toch niet de bedoeling zijn?
De GAS-boetes hebben hun nut bewezen en er zijn meer argumenten om ze te behouden dan om ze af te schaffen. Laten we nu niet in de val trappen om elke vorm van ergernis af te straffen met een boete. Want dan verliezen de GAS-boetes elke legitimiteit en het draagvlak dat er nu wel degelijk is bij het merendeel van de Antwerpenaren.
De discussie over de verlaging van de leeftijd voor jongeren die in aanmerking komen voor een GAS-boete naar 12 of 14 jaar, is daarom minder relevant. Wat is overlast en wat niet? Dat is de discussie die gevoerd moet worden.
Patrick Van de Perre Redacteur gvabrieven@concentra.be
In Antwerpen gaat alle aandacht uit
naar de strijd om de burgemeesterssjerp
tussen huidig burgemeester
Patrick Janssens (sp.a) en uitdager
Bart De Wever (N-VA). Maar in de marge
van deze titanenstrijd zijn nog enkele
andere boeiende verhalen te rapen. Over
hoe de Open Vld erin moet slagen om eindelijk
eens de rangen te sluiten en met een
eensgezinde lijst naar de kiezer te stappen
bijvoorbeeld. En op welke manier de
CD&V stand denkt te houden op een lijst
met nieuwe grote broer sp.a.
Toen de christendemocraten enkele
maanden geleden besloten om hun lot te
verbinden aan dat van Patrick Janssens,
leidde dat niet overal tot applaus. CD&V
verklaarde toen dat het na zes jaar goed
besturen niet zo vreemd is om dit verhaal
voort te zetten met de belangrijkste coalitiepartner.
Helemaal onlogisch is dat niet.
Maar natuurlijk weet iedereen dat de partij
van de schepenen Marc Van Peel en Philip
Heylen ook om een andere reden voor
dit historisch gezien wat vreemd verbond
kiest.
In haar eentje redt de CD&V het niet.
Dat is de belangrijkste reden om met sp.a
in zee te gaan. Als de sp.a wint, wint de
CD&V ook. En als dat niet het geval is,
gaan de christendemocraten mee ten onder.
Het is nu aan de CD&V om zich voldoende
te onderscheiden van de socialisten
om ook na de gemeenteraadsverkiezingen
van 14 oktober nog een rol te spelen
in Antwerpen.
Dat wil de partij doen door apart van
partner sp.a campagne te voeren en waar
het kan de eigen verwezenlijkingen in
de verf te zetten. En die zijn er. Marc Van
Peel heeft in woelige economische tijden
de haven bestuurd zoals dat hoort en Philip
Heylen is er minstens in geslaagd om
grote dossiers zoals het Museum aan de
Stroom en de vernieuwing van het openluchtmuseum
Middelheim tot een succes
te maken. En dan hebben we het Red Star
Line Museum, dat volgend jaar opent, nog
niet gehad.
Maar het echte probleem van CD&V is
dat het er maar niet in slaagt om zich als
een echte stadspartij te profileren en dat
eigenlijk ook niet is. Voor partijgenoot en
Vlaams minister-president Kris Peeters is
dat geen probleem. Voor Marc Van Peel en
Philip Heylen des te meer. Misschien dat
de CD&V in oktober zijn hachje kan redden
als de sp.a van Patrick Janssens het
haalt van Bart De Wever. Maar op de langere
termijn zit CD&V in Antwerpen met
een groot probleem. Haar verhaal slaat
niet aan. We zijn benieuwd hoe de christendemocraten
dat gaan aanpakken.
door Patrick Van de Perre
Jo Libeer, topman van de werkgeversorganisatie
Voka, pleit voor fusies
van gemeenten met minder dan
20.000 inwoners. Dat zijn er in
Vlaanderen 220, of 70% van de 308
gemeenten. Volgens Libeer zouden fusies
leiden tot een overheidsbesparing van
240 miljoen of 3% per jaar.
De meeste burgemeesters van de kleinere
gemeenten zetten uiteraard meteen
hun stekels op. Volgens hen is kleinschaligheid
juist een troef, want de lokale
bestuurders staan veel dichter bij hun
inwoners. Hoe groter de gemeente, des te
bureaucratischer de administratie, voeren
zij aan. En sommigen spreken ook tegen
dat schaalvergroting tot besparingen
leidt.
Uit een vergelijking met Nederland
blijkt dat een gemeente daar gemiddeld
37.500 inwoners herbergt. In Vlaanderen
telt bijna een derde van de gemeenten
minder dan 10.000 inwoners. Dat verschil
heeft een aantal consequenties, zoals bijvoorbeeld
het nuchtere feit dat er bij ons
bijna drie keer zoveel schepenen en gemeenteraadsleden
rondlopen als in Nederland.
Dat aantal mag van ons best wat
omlaag om te snoeien in het bedrag van de
zitpenningen, want lang niet al die raadsleden
zijn onmisbaar voor onze democratie.
In 2011 hadden zeven op de tien Vlaamse
gemeenten een tekort op hun begroting.
De komende jaren worden financieel
niet rooskleuriger, want naar dividenden
van de Gemeentelijke Holding kunnen de
lokale besturen fluiten, de pensioenlasten
nemen toe door de vergrijzing en door
de interne staatshervorming krijgen ze er
nog een berg extra werk bij.
In de Antwerpse regio zou de suggestie
van Voka leiden tot fusies van gemeenten
zoals bijvoorbeeld Boechout en Hove. Of
Wommelgem en Borsbeek. Van Hemiksem,
Schelle en Niel zou ook één gemeente
kunnen worden gemaakt. Is dat een
goed idee? Daarvoor moet de specifieke
situatie van elke gemeente eerst goed
worden bekeken.
Wat ons betreft kan er beter worden gewerkt
aan de formule van een stadsgewest.
Daarin kan elke gemeente haar eigen
identiteit behouden, terwijl de bovenlokale
kwesties door de koepel worden
aangepakt. In Noord-Frankrijk is dat
een groot succes gebleken. Amsterdam,
Utrecht en Almere zijn er nu ook mee bezig.
Wanneer ontdekt ook Vlaanderen dit
concept, dat bij uitstek geschikt is voor de
21ste eeuw van de verstedelijking?
door Lex Moolenaar
Dirk Becquart, de Belgische directeur
Ontwikkeling van de haven
van Marseille, heeft twijfels over de
toekomst van Antwerpen als
wereldhaven. Becquart voorspelt een zware
concurrentie- en prijzenslag tussen de
havens van Noordwest-Europa. De grote
internationale rederijen kijken allemaal uit
naar alternatieven en kiezen steeds meer
voor kusthavens, zegt hij.
Antwerpen kampt met het probleem van
de beperkte diepgang van de Schelde en de
dito ruimte voor de uitbreiding van de haven.
Daardoor zou het schaakmat kunnen worden
gezet door Rotterdam. Maar, zo geeft Becquart
toe, Antwerpen is wel wereldwijd bekend
als een sterk merk.
De sombere voorspellingen van een kenner
mogen nooit worden genegeerd. Toch vind ik ze enigszins verbazend. De haven heeft in
2011 een heel behoorlijk jaar neergezet, zo
concludeer ik uit het Jaarverslag. De kwaliteit
van de havenactiviteiten is bovendien dik
in de verf gezet door verscheidene internationale
onderscheidingen.
Er wordt ook zeer toekomstgericht aan de
haven gewerkt. De Vlaamse regering heeft op
27 april het ruimtelijk uitvoeringsplan goedgekeurd
dat de havenuitbreiding met 1500
hectare in de toekomst mogelijk maakt. Er is
ook veel aandacht voor duurzaamheid, een
kwaliteit die voor grote rederijen steeds meer
een kernwaarde wordt.
Antwerpen heeft bovendien belangrijke
stappen gezet om zijn positie als wereldhaven
te versterken. Zo zijn we met voorsprong
de belangrijkste haven voor Turkije, het land
dat de draaischijf vormt voor de handel tussen Rusland, het Midden-Oosten, Centraal-
Azië, het Verre Oosten en Europa. En vers van
de pers: gisteren kondigde het Havenbedrijf
aan dat zijn dochter Port of Antwerp International
25 miljoen euro investeert in een strategische
alliantie met Essar Ports Limited, de
tweede private havenoperator van India. Dat
huwelijk zal ongetwijfeld extra trafiek vanuit
een enorme groeimarkt genereren.
Zo slecht lijkt de toekomst er dus echt niet
uit te zien. Maar uiteraard blijft waakzaamheid
geboden. Het probleem met Nederland
over de Hedwigepolder moet worden opgelost,
net als het slepende dossier van de onvoldoende
flexibele havenarbeid. Bovendien
moeten het Havenbedrijf en de privébedrijven
de komende jaren liefst vierduizend jobs
ingevuld krijgen. Kortom, er zijn grote uitdagingen,
maar ook grote opportuniteiten.
door Lex Moolenaar
Een Albanees probeert enkele cafés
rond de Grote Markt af te persen
volgens het aloude maffiarecept
van de racketeering: uitbaters
moeten een bedrag betalen in ruil waarvoor
ze worden beschermd tegen wandaden
gepleegd door de figuren aan wie ze
dat bedrag betalen. Gaat het in dit geval
om één weerzinwekkende crimineel of
om een bende? Dat is nog niet duidelijk.
Een jaar of vijftien geleden oefende
de Albanese gangsterbende van Viktor
Hoxha een ware terreur uit in Antwerpen.
Hoxha domineerde het portiersmilieu
en deed ook aan racketeering op grote
schaal. Wie hem iets in de weg legde,
werd zwaar toegetakeld en in enkele gevallen
gewoon koelbloedig afgeslacht.
Ooit zat ik op een avond in een restaurant
op Linkeroever, toen er een telefoontje
binnenkwam waardoor alle personeelsleden
meteen lijkbleek werden. Even
later viel de bende van Hoxha binnen. De
gangsters namen het restaurant over, bedienden
zichzelf en gingen aan alle tafels
vriendelijk een praatje maken met de
klanten. Maar aan het personeel was goed
te zien dat er achter die vriendelijkheid allerlei
andere praktijken verscholen zaten.
De bende van Hoxha, die resideerde op
het Falconplein, is destijds uit Antwerpen
verdreven door een geraffineerd beleid
van fiscale controles en boetes. Dat
was een enorm succes voor de overheid
en een van de eerste voorbeelden van wat
er mogelijk is als de politie, het parket en
het stadsbestuur de krachten bundelen.
De Albanezen werden het op de duur dermate
beu dat ze de wijk namen naar Luik.
Maar dat betekent niet dat Antwerpen
voorgoed verlost is van de maffiapraktijken.
Enkele jaren geleden circuleerden er
nog verhalen over racketeering in horecazaken
op de De Keyserlei. Een stuk of zes
obscure figuren kwamen dan ‘s ochtends
een etablissement binnen, gingen elk aan
een andere tafel zitten, bestelden een koffie
en bleven vervolgens de hele dag zitten.
Totdat de uitbater zwichtte en ermee
instemde om regelmatig een bedrag te betalen
in ruil voor ‘bescherming’.
De maffia - of het nu om Albanezen gaat
of om anderen - mag nooit meer de kans
krijgen om zich in Antwerpen te vestigen.
Het verhaal over de cafés rond de Grote
Markt is misschien te reduceren tot een
geïsoleerd geval, maar ik hoop wel dat politie
en parket de zaak grondig zullen bestuderen.
Als er echt iets loos zou zijn, dan
lijkt het me cruciaal om de zaak in de kiem
te smoren.
door Lex Moolenaar
Maandag hield minister-president Kris Peeters een interessante toespraak ter gelegenheid van de CD&V-Kandidatendag in Geel. In de aanloop naar de lokale verkiezingen wil Kris samen met Hilde, Jo en Joke (de Cd&V-ministers Crevits, Vandeurzen en Schauvliege) een betrouwbare partner zijn van de 308 Vlaamse gemeenten, waar zijn partij nu nog 167 burgemeesters en meer dan 1000 schepenen heeft.
Slechts enkele keren had Peeters het in zijn speech over de steden. Hij wees erop dat de Vlaamse regering via het Gemeente- en Stedenfonds jaarlijks 2,13 miljard euro investeert. Hij had het ook over steun aan stadsvernieuwingsprojecten. Daarbij noemde hij de ontwikkeling van de voormalige Brepolssite in Turnhout als voorbeeld. En nadat hij mobiliteit een topprioriteit van de regering had genoemd, illustreerde hij dat met het voorbeeld van de Noord-Zuidverbinding in de Kempen.
Antwerpen kwam in de toespraak van de minister-president niet voor. Al jaren valt het ons op dat Peeters liever niet te veel te maken krijgt met de stad. Elke week houdt zijn kabinet ons op de hoogte van zijn bezoek aan weer eens een melk- of pluimveebedrijf ergens ten velde - ik wist niet dat Vlaanderen er zo veel had. Maar in de stad valt hij nauwelijks te bespeuren. Hetzelfde geldt trouwens voor Jo, Joke en in mindere mate ook voor Hilde.
Beschouwt CD&V Antwerpen meer als een kankerplek in Vlaanderen dan als de motor van de economie en het hart van de culturele en sociale vernieuwing? Of heeft de partij de stad opgegeven omdat ze er electoraal - net als Open Vld - een kleine partij is geworden? Het antwoord ligt bij Peeters en de zijnen. Maar het is jammer dat zij zo weinig belangstelling hebben voor de verdienstelijke realisaties van de Antwerpse CD&V-schepenen Philip Heylen en Marc Van Peel.
Kris Peeters zei aan het einde van zijn toespraak nog iets heel belangrijks. Volgens hem moeten politieke keuzes worden gemaakt op het niveau dat zo dicht mogelijk bij de burger ligt: het lokale. Steden en gemeenten zijn zelf juist geplaatst om te bepalen wat voor hun inwoners het beste is, aldus de minister-president, die er nog aan toevoegde dat zijn Vlaamse regering vertrouwt op het lokaal gezond verstand. We zullen hem daaraan herinneren wanneer na de verkiezingen opnieuw de discussies losbarsten over de Antwerpse mobiliteit.
Lex Moolenaar Senior writer gvabrieven@concentra.be
Het was me de week wel in de Antwerpse politiek. Het voorstel van Patrick Janssens om het budget voor het nieuwe stadion te gebruiken om nieuwe scholen te bouwen, zwol aan tot een hevige rel. Bart De Wever deed een alternatief voorstel en kondigde aan dat hij dat desnoods zou doordrukken in de gemeenteraad. Maar uiteindelijk werd binnen het college een compromis gevonden en keerde de rust weer. Zo gaat dat in de politiek.
In elk geval is de sfeer momenteel strak gespannen, vooral tussen sp.a/CD&V en N-VA. In het niemandsland tussen de beide kampen bevindt zich schepen van Financiën Luc Bungeneers. Die wordt geadviseerd door Wilfried De Goeyse, een uitstekende kabinetschef van uitgesproken N-VA-signatuur die nog onder Hugo Schiltz heeft gediend. Ook achter de schermen zijn de verhaallijnen complex.
Hoe zit het trouwens met Bungeneers? In het begin van de week leek hij nog bereid tot een strijd op leven en dood om zijn tweede plaats op de lijst te bemachtigen.Maar naarmate de zon de kop opstak en de dagen vorderden, leek hij steeds meer te berusten. Het ziet ernaar uit dat de uittredende schepen straks niet meer op de lijst van Open Vld voor de gemeenteraad voorkomt.
De tweede plaats lijkt gereserveerd voor strafpleiter Kris Luyckx. Dat betekent overigens niet dat Bungeneers de politiek verlaat. In het watervalsysteem van de Antwerpse politiek krijgen veel gedegradeerde veteranen een tweede leven in de districten. Bungeneers is behoorlijk populair in Merksem. Zijn partij hoopt dat hij bereid is om daar de lijst voor de districtsraad te trekken, en daar lijkt hij na zijn verloren strijd wel oren naar te hebben.
Als dat gebeurt, dan zou er in Merksem wel eens een voorakkoord kunnen komen tussen Open Vld en N-VA. Dat zou dan weer een nieuwe diersoort zijn in de jungle van de districten, waar de kartelvorming welig tiert. In Merksem, Deurne, Hoboken en Borgerhout wordt er onderhandeld over een kartel sp.a-Groen, in Berchem is het al gevormd. In het district Antwerpen komt er wellicht een lijst sp.a/ CD&V naar het model van de stad, maar die mag van de betrokkenen absoluut geen kartel of stadslijst worden genoemd. En in het polderdistrict doen sp.a, CD&V en Open Vld een triootje. Voor de kiezer is deze wirwar van afspraken nauwelijks te overzien. Maar daar hebben de heren en dames politici geen boodschap aan.
Lex Moolenaar