Er heerst veel onrust in de onderwijswereld. De mensen op het terrein en de ouders weten niet meer wat ze mogen verwachten. Krijgt onderwijsminister Pascal Smet gelijk en verdwijnen binnenkort de B-attesten en in de eerste graad de schotten tussen het algemeen, het technisch en het beroepsonderwijs? Of Bart De Wever, die eigenlijk niets wil veranderen?
In het Vlaams Parlement bleek gisteren dat de meningsverschillen minder diep zijn dan uit de verklaringen van de twee protagonisten mag worden afgeleid. Smet stelt geen oekazes, en de N-VA wil loyaal het regeerakkoord uitvoeren. Al werd dat niet uit de mond van de partijvoorzitter vernomen.
Bart De Wever, die eerder deze week zijn duivels op tv ontbond, liet woensdag verstek gaan. De soep zal dus waarschijnlijk niet zo heet gegeten worden als ze de voorbije dagen werd opgediend. Maar het kwaad is geschied. Door het haantjesgedrag en de profileringsdrang van twee politici uit de meerderheid.
Alle onderwijsministers willen hun naam in de geschiedenisboeken. Ook Pascal Smet. Hij kon het niet laten om een onvoldragen plan in de media te lanceren. Zo stak hij de lont aan het kruitvat. Bart De Wever, die zich graag presenteert als dé verdediger van traditionele waarden, reageerde overdreven fel. Want gisteren vernamen we dat zijn partij wél bepaalde vernieuwingen wil doorvoeren.
Terecht. Ons onderwijs scoort goed in internationale rankings, maar heeft zwakke flanken. Veel zittenblijvers, het watervalsysteem, de onderwaardering van het technisch en beroepsonderwijs, de deelname van allochtone jongeren. Dat zijn knelpunten waaraan gewerkt moet worden.
Maar niet in de beslotenheid van het kabinet van een op roem beluste minister. Een hervorming die niet gedragen wordt door de koepels, de directies, de leerkrachten en de ouders, maakt de zaken slechter in plaats van beter. Kinderen en scholen zijn geen voer voor experimenten. En nog minder voor politieke spelletjes.
door Paul Geudens



Reacties