Het zag er gisterenavond absoluut niet goed uit. De standpunten – van vooral Open Vld en PS – lagen nog mijlenver uit elkaar. Komen ze er ooit uit? En zo ja, tegen welke prijs? Kan hier ooit nog iets goed uit voortkomen?
Een klassieke tripartite, een regering dus met de drie traditionele politieke families, is een moeilijke formule. Het verleden leert ons dat. Met zes partijen een goed regeerakkoord maken is een contradictio in terminis.
De ene partij wil naar links, de andere naar rechts, en een derde wil in het centrum blijven. Het resultaat kan niet anders dan een mikmak zijn, een samenraapsel van allerlei maatregelen die niet bij elkaar aansluiten.
Een tripartite regering kan per definitie geen coherent project hebben, geen afgelijnde visie op de toekomst van het land.
In de meeste andere landen wordt er geregeerd door één of twee partijen. Hier zitten we aan het driedubbele. Met grondig verstoorde menselijke relaties en een communautaire breuk er bovenop. Met een gat in de begroting van meer dan 11 miljard euro.
De recepten om het hoofd te bieden aan de ergste financieel-economische crisis die we ooit meemaakten verdelen de geesten grondig. De liberalen zetten in op een strenge sanering. Zij willen het geld vinden door besparingen, zoals Europa dat trouwens ook eist. De PS wil de ondernemingen en de (Vlaamse) middenklasse de crisis laten betalen, vooral met nieuwe belastingen. De christendemocraten zitten daar ergens tussenin.
Stel dat er vandaag of morgen tóch een compromis wordt gevonden, dan is de inhoud voorspelbaar: een rommeltje van honderden kleine maatregelen waarvan we de juiste impact maand na maand gaan ondervinden, zonder dat iemand daar een rode draad kan in ontdekken.
En wat we óók gaan meemaken is constant geruzie binnen de meerderheid voor de kleine 1.000 dagen die de nieuwe regering nog rest. De open debatcultuur die we onder paars kenden zal er kinderspel bij zijn.
Door Paul Geudens

