Het is niet de eerste keer dat Adecco in een slecht daglicht komt te staan. Een paar weken geleden werd het bedrijf nog veroordeeld tot een schadevergoeding van 25.000 euro omdat het inging op vragen van klanten om vreemdelingen voor bepaalde werkaanbiedingen niet te selecteren. De feiten dateren uit dezelfde periode als de apartheidslijst.
Discriminatie bij aanwervingen en op de werkvloer is een moeilijk uit te roeien kwaal. Hoe ga je bewijzen dat een onderneming de wetten terzake overtreedt? Tenzij ze uitdrukkelijk aan de sollicitant meedeelt dat hij of zij niet geschikt is wegens kleur, godsdienst, geslacht of wat dan ook. Of wanneer de foute selectiecriteria zwart op wit op papier staan. Dan is het simpel. Maar anders...
Uiteindelijk beslissen bedrijfsleiders nog steeds autonoom wie ze in dienst nemen. Zolang ze volhouden dat de rekrutering uitsluitend gebeurt op basis van objectieve maatstaven - opleiding of competentie bijvoorbeeld - kan hen weinig gebeuren. Zelfs indien de achterliggende motivatie een bruin kantje heeft.
Ongetwijfeld bestaan er werkgevers die uit puur persoonlijke en racistische instelling bepaalde sollicitanten afwijzen. Veel frequenter zullen de gevallen echter zijn dat allochtonen worden geweerd om “commerciële” redenen. Wat doe je als beenhouwer wanneer de klanten opmerkingen maken over de huidskleur van de winkelbediende? Er fors tegen ingaan? Zoals het eigenlijk hoort. Of kies je voor de gemakkelijkste weg en vervang je hem of haar door een BBB? De klant is koning, toch?
Wat ik wil zeggen, is dat racisme en discriminatie niet altijd de exclusieve fout van de werkgever zijn. Integendeel. We zijn met z’n allen verantwoordelijk voor alle vormen van uitsluiting. Er moet een mentaliteitsverandering komen. Onze maatschappij is veelkleurig. Dat moet zich weerspiegelen in alle geledingen, inclusief de dienstverlening.
Door Paul Geudens



Reacties