We horen graag dat de medische wetenschap er zozeer op vooruit is gegaan dat meer verkeersslachtoffers dan vroeger worden gered. Niet waar, want het aantal slachtoffers dat tot dertig dagen na een ongeval sterft, blijft al jaren stabiel.
De weginfrastructuur verbetert zienderogen zodat ook daar winsten worden geboekt. En onze auto’s worden steeds veiliger. Beide beweringen kloppen, maar kunnen nooit een winst op korte termijn betekenen, precies omdat niet iedereen van de ene dag op de andere van auto verandert. Bovendien zorgen beide maatregelen voor een daling van ’slechts’ 10 procent van het aantal verkeersslachtoffers.
Bon, dan blijft de gedragsverandering over. Die kunnen we zeker op ons eigen conto schrijven? Spijtig genoeg is ook dat niet helemaal waar. De veiligheidsgordel is bijvoorbeeld de goedkoopste levensredder die er bestaat. Uitgevonden en vaak uitgespuwd door de vorige generatie, en hij is nog steeds niet volledig aanvaard. We blijven steken op 80 procent. Onze buurlanden halen 95 procent.
Overdreven snelheid dan. De maximumsnelheid van 50 kilometer per uur in de bebouwde kom wordt goed nageleefd, maar in de zones 30 en 70 drukken we de voet al te makkelijk op het gaspedaal. Op dit vlak behaalden de Walen de grootste winst in 2008. Na jaren van ’je-m’en-foutisme’ zijn ze onder druk van de centen aan een inhaalbeweging bezig. Zij zorgen vooral voor de goede cijfers van 2008.
Blijven de alcoholcontroles over. Ook die werpen vruchten af. Maar een verkeersveiligheidscampagne werkt pas goed wanneer ze gepaard gaat met controles. Eind jaren ’90 werden de eindejaarscontroles teruggeschroefd. In geen tijd steeg het aantal betrapten van 3 naar 8 procent. Dit jaar was ook niet zo goed: 5 procent van de gecontroleerde chauffeurs had te diep in het glas gekeken.
De reden daarvoor is dezelfde: er zijn - zoals op voorhand gewaarschuwd - 180.000 controles verricht. Maar dat gebeurde niet altijd in de weekends en zeker niet op elke feestdag. De Vlaming, die uitsluitend op een verhoogde pakkans reageert, heeft dat aangevoeld.
door Johan VAN BAELEN

