Eind november klokte het totaal aantal
werkzoekenden in dit land af op
447.505 eenheden, waar van
169.185 in Vlaanderen. Dat is meer
dan het dubbele van het aantal inwoners van
Mechelen. De toekomst ziet er niet rooskleuriger
uit want luidens de vooruitzichten van
de Nationale Bank en van het Planbureau
komen er volgend jaar tussen de 80.000 en
de 90.000 werklozen bij.
De crisis treft alle categorieën van werknemers
en de werkloosheid zal nog blijven
toenemen. Ondanks de temperende anticrisismaatregelen
van de regering. Ondanks
de inleveringen in talrijke ondernemingen.
Zonder deze maatregelen zou de situatie nog
veel dramatischer zijn. De mogelijkheid om
economische werkloosheid toe te passen, tijdelijk
ook voor bedienden, en andere maatregelen
om de werkgelegenheid te beschermen
hebben ons voor een nog zwaardere balans
behoed.
Veel van de steunmaatregelen worden op
federaal niveau ontworpen. Ze gelden voor
heel het land terwijl de situatie op de arbeidsmarkt
grondig verschilt van regio tot regio.
Nu moeten telkens compromissen worden
gezocht die de sociale zekerheid veel geld
kosten. De gewestregeringen zijn veel beter geplaatst om zelf specifieke ingrepen uit te
dokteren. Maar federaal minister van Werk
Joëlle Milquet wil daar absoluut niet van horen
en staat met beide voeten op de rem. Ze
gruwt bij de gedachte dat het arbeidsmarktbeleid
volledig zou worden overgeheveld
naar de gewesten. Dat betekent voor haar en
voor alle Franstalige partijen het begin van
de splitsing van de sociale zekerheid. Want
zo wordt in haar overtuiging de solidariteit
doorbroken wat onherroepelijk leidt tot het
einde van België. De redenering is echter dat
de budgettaire toestand in Brussel en in Wallonië
veel zorgwekkender is dan in Vlaanderen.
Bijgevolg worden maatregelen best blijvend
gefinancierd door het federaal niveau.
Het zal de komende dagen allemaal onze
bekommernis niet wezen want we staan voor
Kerstmis, het gezelligste feest van het jaar.
Dan worden zorgen voor enkele dagen opzij
geschoven of verdrongen en schuiven we
de benen onder rijke tafels. We houden wat
meer de knip op onze portemonnee maar
blijkens onderzoeken heeft het geld toch
weer als vanouds gerold. Dat is een paradox
in deze crisistijd. De meesten kunnen onbezorgd
Kerstmis vieren. Maar laten we deze
dagen toch ook even stilstaan bij wie het minder
goed heeft getroffen.
door Dirk CASTREL
Met de bespreking en de goedkeuring
van de meerjarenbegroting
2010-2011 hebben de federale
volksvertegenwoordigers dinsdagavond
of -nacht hun laatste prestaties
van 2009 geleverd. Ook voor hen wenkt nu
de kerstvakantie. Die komt later dan gepland,
maar de wissel tussen Herman Van Rompuy
en Yves Leterme aan het hoofd van de regering
heeft een week vertraging veroorzaakt.
Zo luidt de officiële uitleg.
De Kamerleden zijn zelf verantwoordelijk
voor dat overwerk. De bespreking van de begroting
raakte vorige week niet tijdig afgerond
in de commissies en dat had krachtens
het Kamerreglement gevolgen voor de timing
van de plenaire zitting. We hoeven dus
niet onmiddellijk medelijden te tonen. Iedereen
klopt wel eens overuren maar niet iedereen
is bijlange niet zo goed betaald als de dames
en heren volksvertegenwoordigers.
Bovendien moeten ze aanwezig zijn als er
gestemd wordt, ook al gebeurt dat ’s nachts,
zoals vorige week. Dat is niet meer dan hun
plicht. Als ze per se nachtzittingen willen vermijden,
kunnen ze hun intern reglement en
werkwijze wijzigen. Ten slotte stellen de Kamerleden
zelf hun agenda samen zodat gemopper
over ellenlange vergaderingen tot in de vroege uurtjes nogal ongeloofwaardig
overkomt.
Het is een traditie geworden om net voor
de jaarwisseling een pak wetsontwerpen ter
goedkeuring in het parlement voor te leggen.
Die haast komt het wetgevend werk doorgaans
niet ten goede en telkens klaagt de oppositie
dat kunst- en vliegwerk in het openbaar
aan en doet de meerderheid dat tandenknarsend
in de wandelgangen.
Indien wat meer spreiding wenselijk is,
moeten de Kamerleden daar zelf voor zorgen.
Zij bepalen wat er in hun huis gebeurt,
niet de federale regering. Al is dat natuurlijk
in de praktijk wel anders. De meerderheid
buigt te vaak voor de regering die haar wil
dicteert en de Kamerleden degradeert tot
knopjesduwers. Dat is alleen mogelijk omdat
die meerderheid te weinig op haar strepen
staat en zich gewillig laat kortwieken. Het
zou beter zijn als de fracties van de meerderheid,
de vertegenwoordigers van het volk,
wat meer onafhankelijkheid aan de dag zouden
leggen ten aanzien van de regering.
Gelukkig moet die eindejaarsvertoning
niet meer worden overgedaan in de Senaat,
een overblijfsel uit het unitaire België, die
nu geen enkele politieke rol van belang meer
speelt.
door Dirk CASTREL
Wie met oudejaar op restaurant
zit, kan misschien rekenen op
een extra geste van de uitbater.
Die ziet zijn inkomsten
immers aanzienlijk stijgen met de overgang
van oud naar nieuw. Hij moet voortaan
slechts 12% btw aanrekenen aan zijn klanten
in plaats van 21%. Maar als hij dat voordeel
niet doorrekent, is het pure extra winst. En
daar ziet het naar uit. Want hoewel de btw
een verbruiksbelasting is, is er is geen enkele
verplichting om de lagere heffing door te
rekenen aan de klant.
De horecafederaties hebben de maatregel
in de eerste plaats afgedwongen om er zelf
beter van te worden. Daar is niets mis mee.
Federaties hebben nu eenmaal het recht om
voor hun sector op te komen.
Bovendien heeft de horeca recht van spreken.
Als we zien hoeveel inspanningen de
overheden bereid zijn te doen om bijvoorbeeld
de autosector in ons land te houden,
mogen ze ook iets doen voor een branche met
150.000 mensen. Temeer daar het hier gaat
om een arbeidsintensieve branche, waar ook
laaggeschoolden aan de bak komen.
De horeca is trouwens een sector in moeilijkheden.
Iedere zes uur gaat er in ons land
een horecaonderneming over de kop.
En in onze buurlanden werden al gelijkaardige
maatregelen genomen. In Luxemburg
geldt een tarief van 3%. In Frankrijk is 5,5%
van toepassing en in Nederland 6%.
Maar als deze filosofie wordt gevolgd, dan
blijft wel de vraag waarom de restaurants genieten
van 12% en de cafés voor hun pintjes
op 21% moeten blijven. Zij hebben nochtans
krek dezelfde argumenten.
Eigenlijk had de maatregel niet op 1 januari
moeten ingaan, maar op 6 december. De
laatste jaren heerst in ons land immers een
sinterklaaspolitiek van sectorbeloningen.
Het voetbal in een slecht parket? Lastenverlagingen
voor jonge spelers en begeleiders.
Onderzoekers vluchten weg uit ons land?
Minder belasting op onderzoekers. En vervolgens
ploegwerkers? Geen probleem: minder
belastingen op shiftpremies.
Zo wordt ons fiscaal stelsel inderdaad een
wirwar. Leuke stof voor professoren, maar
stilaan een onoverzichtelijke janboel.
De fiscale druk mag zich dan wel in sommige
sectoren eerst manifesteren, het wordt
niettemin tijd dat men de zaken fundamenteel
aanpakt en niet sector per sector. Een algemene
zuinigheid bij de overheid zou voorkomen
dat men minder belastingen moet
heffen, en daar wordt iedereen beter van.
door Johan VAN GEYTE
De sneeuw heeft ons landje de jongste
dagen een sfeervolle, witte
vacht bezorgd. En na jarenlang
wachten, hebben we misschien
uitzicht op een witte Kerstmis. Maar de
sneeuw heeft zich het voorbije weekend ook
van zijn slechtste kant laten zien. Tenminste,
de gevolgen van de overvloedige sneeuwval
waren af en toe bitter te noemen.
Neem nu de reizigers die gestrand waren
op Zaventem. Hoewel de nationale luchthaven
zondag vijf uren gesloten bleef, reageerden
de gestrande toeristen er relatief gelaten.
Ze hadden misschien geleerd uit de televisiebeelden
van 2.000 toeristen van Eurostar die
een deel van de nacht moesten doorbrengen
in de tunnel onder de Noordzee. Een mens
vraagt zich bij het bekijken van die beelden
af of zo’n technische storing niet kan worden
vermeden.
Maar is dat niet gewoon betweterij? Want
de gebeurtenissen van vrijdag op de snelwegen
leren ons dat we bescheiden moeten zijn
Wat Vlaanderen zelf doet, kan het niet beter.
Of toch niet altijd.
Nog dichter bij huis was het zaterdag weer
raak aan de rotonde van Wommelgem. Het
in Vlaanderen wereldberoemde kruispunt
wordt een struikelsteen, daar waar het de doorstroming zou moeten dienen. Maar dat
was allesbehalve waar. Midden in de zaterdagse
sneeuwbui stonden auto’s aan te schuiven
tot aan het Shopping Center van Wijnegem.
Veel gevaarlijker was dat de wachtfiles
ook tot op de snelweg stonden. In één geval
zelfs tot op de Ring. En dat in het donker en
bij sneeuwval. De nieuwe elektronische sturing
van de verkeerslichten op de rotonde
zou vanaf dinsdag beter werk leveren.
Weg van de snelweg, in het hart van de
stad, ontstonden ook sneeuwproblemen. Want winkeliers op de Meir klaagden dat er
onvoldoende was geruimd. Enfin, op de ene
plaats was de sneeuw vastgevroren tot gevaarlijke
ijsplekken en op andere plekken had
het strooizout ervoor gezorgd dat de sneeuw
was herschapen in een gladde smurrie.
“Het is ook nooit goed”, denk ik als ik de reacties
van de winkeliers voor ogen krijg. Want
ze vergeten iets. Ze zouden zelf een sneeuwschop
kunnen nemen om de stoep vrij te maken. Meer nog: het is gewoon verplicht. Zou
dat geen kerstboodschap kunnen zijn? Af en
toe iets meer doen dan wordt gevraagd? Als
die winkeliers twee meter ruimen in plaats
van één, dan kan er naar hartenlust worden
gewinkeld. En kijkt u ook eens naar de
sneeuw op uw trottoir? Doen!
door Johan VAN BAELEN
Vissen gesneuveld - door de Zenne vergiftigd
- de paling lacht groen. De haiku is van Paul Delva
(CD&V). We vonden hem zo mooi,
dat we hem u niet wilden onthouden. Hij
werd gisteren voorgedragen in het Vlaams
Parlement, dat een debat hield over de ecologische
ramp in de hoofdstad.
U weet ondertussen waar het over gaat.
Doordat Aquiris zijn installatie voor waterzuivering
op 8 december stillegde, belandt
sterk verontreinigd water rechtstreeks in de
Zenne, en zo verder in meerdere Vlaamse rivieren,
zelfs in de Schelde.
De laatste zin van de haiku slaat natuurlijk
op de Brusselse minister van Leefmilieu
Evelyne Huytebroeck, die van Ecolo is. Bijna
alle partijen hakten zwaar op haar in, en op
Groen! Zij vinden het onbegrijpelijk dat zij
haar verantwoordelijkheid niet wil opnemen
en dat zij blijft zitten op haar ministerpost.
Het Vlaamse Parlement mag gerust over de
zaak debatteren - tenslotte betalen wij een
deel van de kosten van het waterzuiveringsstation
- maar het heeft niets te vertellen aan
mevrouw Huytebroeck. De enige plaats waar
het ontslag van de minister kan worden geeist,
is het Brussels Parlement.
En daar waren
CD&V en Open Vld gisteren een stuk terughoudender. Daar heb ik die partijen niet
horen aandringen op het ontslag van Huytebroeck.
Want zo zou men de regering wel
eens in gevaar kunnen brengen.
Een beetje hypocriet is dat. Met de spierballen
rollen waar het geen kwaad kan, en op
de rem gaan staan waar het er echt toe doet.
Zoals het ook hypocriet is van Groen! De
partij van Wouter Van Besien kronkelt zich
als een slang in barensnood om het toch
maar niét over de verantwoordelijkheid van
de Ecolo-minister te hebben. Het moest eens
iemand van een andere partij zijn die dergelijke
milieurampen toeliet. Mieke Vogels zou
elke dag, verkleed als vis, de straat op trekken
om te protesteren. Zoals zij in de tijd van
de dioxinecrisis als kip de markten afschuimde.
Nu komt het blijkbaar op een dode paling
min of meer niet aan.
Wat we nog het strafste vinden, is dat Evelyne
Huytebroeck zélf niet beseft dat ze alle
krediet en geloofwaardigheid heeft verloren.
Zeker omdat ze een partij vertegenwoordigt
die, samen met Groen!, wil doorgaan voor de
enige, echte, ultieme redder van ons milieu.
En dan zo’n ecologische ramp toelaten en minimaliseren!
In Kopenhagen vrijblijvend de
grote jan gaan uithangen is makkelijker dan
de eigen stad gezond houden.
door Paul GEUDENS
Omdat werkgevers en werknemers
er niet in geslaagd zijn de regering
eensluidend te adviseren over de
verlenging van de anticrisismaatregelen
heeft het kabinet zelf knopen doorgehakt.
Min of meer tot voldoening van de
vakbonden, maar tot grote ontevredenheid
van de patroons.
Vooral de crisispremie die arbeiders wordt
toegekend bij ontslag heeft het effect van een
rode lap op een stier. Zeker bij Karel Van Eetvelt,
gedelegeerd bestuurder van Unizo, die
ongemeen scherp uit de hoek komt tegen
deze beslissing. Zijn verbaal geweld roept
herinneringen op aan de legendarische socialistische
vakbondsleider Georges Debunne,
al stond die aan de andere kant van de
barrière. Van Eetvelt noemt deze premie onverantwoord,
dom en hallucinant, een extra
boete voor ondernemingen in volle crisistijd.
Unizo gaat de maatregel analyseren
om uit te maken of die binnen het wettelijk
kader kan worden omzeild. De topman van
Unizo richt zijn pijlen ook op het ABVV, dat in
zijn ogen beloond wordt terwijl het is weggelopen
van de onderhandelingen. ABVV-voorzitter
Rudy De Leeuw dreigt op zijn beurt met
een rode kaart voor Van Eetvelt en repliceert
dat sommigen zich als een paracommando gedragen. Een vergelijking die overigens volledig
voor zijn rekening is.
Toch gaat het hier ’maar’ over een maatregel
die veeleer in uitzonderlijke omstandigheden
en tijdelijk van kracht is. De woede van Karel Van Eetvelt én van de
andere werkgeversorganisaties moet worden
gezien in het licht van de discussie over de
harmonisering of de toenadering van de statuten
van bedienden en arbeiders.
De werkgevers
beschouwen de toekenning van deze
premie als een voorafname op de onderhandelingen
over de gelijkschakeling van de statuten. Wat eens is toegestaan wordt een verworven
recht voor de vakbonden. De bonden
hebben de crisismaatregelen gekoppeld
aan dit dossier waarover de onderhandelingen
begin volgend jaar weer zouden worden
hervat.
Het wederzijds vertrouwen tussen de
sociale partners is echter helemaal zoek. Bovendien
is er niet de minste toenadering tussen
de standpunten. Integendeel. Harmonisering
van de statuten betekent voor de
vakbonden de opwaardering van het arbeidersstatuut
in de richting van dat van de bedienden.
Die optie zien de werkgevers totaal
niet zitten wegens veel te duur. De blokkering
blijft en de discussie wordt een processie
van Echternach.
door Dirk CASTREL
Gisteren eindigde de uitzonderlijke
regularisatieperiode voor illegalen.
Toen de regering daartoe in de
zomer besliste werden prognoses
gemaakt over het aantal mensen zonder
papieren dat er gebruik zou van maken.
50.000 was een vaak gehoord getal.
De meerderheidspartijen ontkenden het in
alle toonaarden. De helft was het maximum
maximorum. Wie hoger durfde te pronostikeren,
werd uitgescholden voor demagogische
onruststoker.
Het kan nog lang duren vooraleer we exact
weten hoeveel dossiers er uiteindelijk zullen
worden goedgekeurd. Wanneer we echter
vaststellen dat alleen in de stad Antwerpen
ongeveer 6.000 aanvragen - vaak voor
meerdere personen samen - zijn binnengekomen,
dan vrees ik dat de regering de operatie
schromelijk heeft onderschat. Of althans
gedaan heeft alsof. Zij kon niet anders.
Tegen beter weten in heeft zij altijd beweerd
dat het niet om een collectieve regularisatie
ging. Dat zou immers tegen eerder gemaakte
Europese afspraken ingaan.
Goed, het is nu het wat is. De regering kan
niet meer terug. Zelfs niet na een vernietigend
arrest van de Raad van State. De mensen
zes maanden hoop geven, en dan alles afblazen, dat is onmogelijk. Staatssecretaris
Melchior Wathelet zal wel met “een oplossing”
komen om de operatie te laten doorgaan
zoals gepland.
Een belangrijke vraag daarbij is of al de gelukkigen
die aan de nodige papieren geraken
ook effectief gelukkig worden hier. De vooruitzichten
zijn niet goed. Onderzoek wijst uit
dat velen, zoniet de meesten, van de geregulariseerden
in de sociale bijstand terechtkomen. België is niet het paradijs dat hen in het
land van herkomst is voorgespiegeld. De armoede
is de jongste jaren nooit zo groot geweest
als nu. Niet in het minst bij de nieuwe
Belgen.
De regering heeft daar onvoldoende rekening
mee gehouden. Zij deelt massaal documenten
uit zonder de verkrijgers ervan een
echt perspectief te kunnen aanbieden. En om
de financiële gevolgen bekommert zij zich
evenmin. Die zijn vaak voor de gemeentes
en de OCMW’s. Dat leidt tot frustraties.
Zo dreigt op de duur iedereen ongelukkig
achter te blijven. De nieuwe Belgen omdat zij
van de regen in de drup terechtkomen. De
plaatselijke besturen omdat zij de grote aantallen
niet kunnen bolwerken. En dat allemaal
om de PS en het cdH wat nieuwe kiezers
te gunnen...
door Paul GEUDENS
Minder dan 24 uur nadat vicepremier
Joëlle Milquet met een
“ernstige politieke crisis” had
gedreigd, is haar conflict met de
Vlaamse regering alweer bijgelegd. Tijdens
een ontmoeting met premier Yves Leterme,
Vlaams minister-president Kris Peeters,
Vlaams minister van Werk Philippe Muyters
en federaal minister van Werk Milquet werden
de plooien gladgestreken. Er komt een
meer gediversifieerde steun voor bedrijven
die langdurig werklozen aanwerven. Zoals
Vlaanderen het had gevraagd.
Moeten we daar nu blij om wezen? Ja en
neen. Indien het tot een belangenconflict
was gekomen, dan zou alles geblokkeerd
worden, met als voornaamste slachtoffer de
werkzoekende. Dat is fout. Een politiek conflict
moet niet op de rug van de werklozen
worden uitgevochten. In dat opzicht is het
goed dat het tot een compromis is gekomen.
Zo kunnen de steunmaatregelen alsnog worden
uitgevoerd.
Maar dat compromis is weer hopeloos ingewikkeld
geworden. En duurder. Om zowel
aan de eisen van Vlaanderen als Wallonië tegemoet
te komen, zijn er 136 verschillende
premies uitgedokterd. Efficiënt is anders.
Typisch Belgisch is dat. De arbeidsmarkten in het noorden en het zuiden van het
land verschillen dermate, dat geen eenduidige
hulpmiddelen mogelijk zijn. De regionale
regeringen zijn veel beter geplaatst om, elk
voor hun eigen gebied, specifieke regelingen
uit te werken. Het arbeidsmarktbeleid moet
een bevoegdheid van de deelstaten worden.
Het zou de werkgelegenheid overal ten goede
komen.
Zo bekeken is het misschien zelfs spijtig te
noemen dat het belangenconflict niet doorgaat.
Het zou iedereen met de neus op de feiten
hebben gedrukt. En die feiten zijn dat het
huidig Belgisch model niet meer werkt. Ik
vrees dat er een politieke crisis nodig is om
de Franstaligen tot dat inzicht te brengen.
Zoals de Franstaligen ook moeten begrijpen
dat de Vlaamse regering geen vazal is
van de federale. Wat dacht Joëlle Milquet?
Dat zij Kris Peeters onder druk kon zetten
door Yves Leterme af te dreigen? Zo werkt
het al lang niet meer. De Vlaamse regering is
er niet om aan het handje te lopen van de federale
premier. In de tijd van Jean-Luc Dehaene
en Guy Verhofstadt was dat misschien
nog wel zo, nu niet meer. De Vlaamse regering
moet opkomen voor de belangen van
Vlaanderen en van de Vlamingen, niet voor
die van België.
door Paul GEUDENS
Een stamboekliberaal wordt voorzitter
van de Open Vld. Het blijft in de
familie. Papa De Croo was ooit ook
voorzitter.
Mama De Croo is tevreden.
Enkele jaren geleden brak Françoise
Desguin een lans voor het kastesysteem. Het
stoorde haar dat zonen en dochters van beenhouwers
aan de balie konden komen. Advocaten
en dokters, dat ging best over van
ouders op kinderen... Kon ze het mooier dromen
met haar zoon Alexander?
Hij haalde het van Marino Keulen, die
nochtans de steun had van het partijestablishment.
Het is dát wat de Limburger
de das heeft omgedaan. Hij werd de jongste
dagen te veel gepusht.
De kiezers pikten dat niet. Zij lieten hun
middelvinger zien aan de partijtop. Een bekend
gegeven. Caroline Gennez maakte het
ook mee. Dat zij zoveel tegenkanting binnen
de sp.a kreeg, kwam doordat zij uitdrukkelijk
op het schild werd gehesen door Johan
Vande Lanotte. De achterban is de betutteling
beu.
En dit geldt zeker ook binnen Open Vld. De oude
top heeft de partij sinds 2004 van nederlaag
naar nederlaag gemanoeuvreerd. Nog één
verkiezing in deze spiraal, en de partij is misschien
nog slechts de vijfde van Vlaanderen.
Wanneer de mensen die verantwoordelijk zijn voor dat debacle dan ook nog eens gaan
zeggen wie de nieuwe leider moet worden,
doet de basis net het tegenovergestelde.
De militanten willen een andere Open Vld.
Terug naar het donkerblauw van vroeger.
Naar een partij die zich in de eerste plaats
bezighoudt met economische en fiscale thema’s.
Niet met kruisbeelden op kerkhoven.
Met een voorzitter die de naam De Croo
draagt, zit die kans er in.
Aan Alexander De Croo om de verwachtingen
waar te maken, om de kanteling te
realiseren. Er wordt hem niet veel tijd gegund. Binnen anderhalf jaar komen er voor
de Open Vld cruciale federale verkiezingen
aan. De partij moet daarin scoren, zoniet zit
ze op alle niveaus in de oppositie.
Hoe gaat de nieuwe voorzitter dat aanpakken?
Hij heeft geen enkele ervaring. Politiek
is niet te vergelijken met het bedrijfsleven,
een wereld die hij wel kent. Wanneer hij binnenkort
aan tafel zit met Di Rupo, Maingain,
Reynders en De Wever, zal hij vlug tot dat inzicht
komen.
Er is natuurlijk zijn teammaat Q, minister
Vincent Van Quickenborne, die ruggensteun
kan geven. Hij stijgt een paar plaatsen in de
pikorde. Vicepremier Guy Vanhengel ziet de
bui al hangen. Net als de familie De Gucht.
door Paul GEUDENS
Vorig jaar heeft De Lijn 508,1 miljoen
passagiers vervoerd. Dat was ruim
5% meer dan het jaar voordien. De
curve gaat elk jaar in stijgende lijn
en dat is een goede zaak. Hoe meer mensen
gebruik maken van het openbaar vervoer en
hun auto opzij kunnen zetten, hoe beter.
Maar elke medaille heeft natuurlijk twee
kanten. De Lijn kost namelijk ontzettend veel
geld. Dit jaar pompt de Vlaamse overheid
liefst 850 miljoen euro in de vervoersmaatschappij.
Anders gezegd, elke Vlaming legt
per jaar 120 euro in de pot van De Lijn.
Terwijl de toelagen fors zijn toegenomen
en het aantal reizigers de afgelopen tien jaar
meer dan verdubbeld is, nam de kostendekkingsgraad
niet in dezelfde mate toe. Die lag
vorig jaar op 132 miljoen euro en dat is laag.
Zeer laag zelfs in vergelijking met de situatie
in drie vergelijkbare Europese regio’s, zo
blijkt uit de studie die donderdag is voorgesteld
in het Vlaams parlement.
De Vlaamse tram- en busreiziger krijgt hier
evenwel beduidend meer voor zijn geld door
de bijzonder gunstige tarieven. Dat heeft alles
te maken met politieke keuzes die resulteerden
in veel goedkopere abonnementen
dan in het buitenland, in gratis vervoer voor
de derde leeftijd en kortingen voor studenten. De toegankelijkheid stond de jongste jaren
voorop. In andere landen weegt die kostendekkingsgraad
veel zwaarder door, wat
elk jaar via flinke prijsstijgingen wordt verrekend
aan de reizigers.
De Lijn staat de komenden maanden voor
een moeilijke oefening want ze ontsnapt
niet aan de besparingsgolf. De maatschappij
moet 40 miljoen euro aan bezuinigingen
vinden. Voor Open Vld liggen de zaken vrij
eenvoudig. Er moet een einde worden gemaakt
aan de gratis-verhalen uit de periode
van Steve Stevaert. Alles heeft een prijs
en iemand betaalt die. Nu er moet worden
bespaard is het niet langer verantwoord dat
zoveel mensen kunnen blijven genieten van
goedkope abonnementen.
Voor Vlaams minister
van Mobiliteit Hilde Crevits kan van
zware ingrepen in de tarieven geen sprake
zijn. De Lijn moet zelf beslissen of een indexering
van de tarieven noodzakelijk is. Intussen
moet De Lijn “efficiëntiewinsten” nastreven.
Wat is dat? Gaat ze daar 40 miljoen
euro mee bij elkaar harken? Hoogst twijfelachtig.
Met slechts 16% aan inkomsten van
de reizigers lijken prijsstijgingen in de nabije
toekomst onafwendbaar. Dat moet kunnen
zonder de filosofie over het tarievenbeleid
geweld aan te doen.
door Dirk CASTREL