Ik kreeg een telefoontje uit Denderleeuw. Of ik het zou zien zitten om erejurylid te komen spelen voor een nogal onooglijk rockconcours in een jeugdhuis aldaar. Eerlijk wezen, lezers: wie van jullie weet Denderleeuw op de kaart aan te duiden? Deze landelijke maar dichtbevolkte, Oost- Vlaamse gemeente kent een wat macaber imago vanwege haar weinig welriekende vilbeluik. Bovendien is Denderleeuw pas in het nieuws gekomen door toedoen van enkele grafschenners, ook dat nog. Mijn schrik won het echter niet van mijn voorliefde voor jeugdhuizen in het algemeen.
Die situeren zich, en daar houd ik van, permanent op het kruispunt van nutteloos deprimerend en creatief prikkelend. Zoals in het Belgische Koninkrijk alles mooi lelijk is, en niet andersom. Achteraf gesteld: ik had die job beter geweigerd.
Als de hel bestaat, dan weerklinkt er in de inkomhal daarvan een vijfduizend jaar durende soundcheck. Toch een gek fenomeen: op alle muziekoptredens van tegenwoordig draagt iedereen gratis uitgedeelde oordopjes, zowel de performers als het publiek en zelfs de geluidstechnici.
Waar zijn wij mee bezig? Wat die voorbije marathon echter zo huiveringwekkend maakte, was nu juist die plicht om hier te gaan uitmaken wie de prijs verdiende. In sportwedstrijden stel je vast wie er het hoogst kan springen, punt uit (behalve met een Maradona op het veld, dan duurt de discussie op de kop af twintig jaar). Hoe bepaal je echter wie er de mooiste muziek speelt? Gedenk hoe dEUS destijds mooi naast de prijzen van de Rock Rally greep. Al trachten diezelfde critici van toen dit alsnog te verdonkeremanen met watervallen van overdreven loftuitingen nadien. Beter had, meteen na dit débacle, die jury zichzelf opgedoekt. Waar is nog de geloofwaardigheid?
Neen, wat ben ik toch een softie! En het ergst was dat alle deelnemers verzocht werden, te blijven rondhangen tot de bekendmaking van onze uitslag. Nooit voelde jullie Nachtburgemeester zich zo schuldig als toen hij, rond drie uur ’s nachts, bij een gedoofde kachel, die moegeplaagde oude mensen nog altijd zag zitten, die de moeder en vader waren van die allereerste zangeres, van wie we heimelijk nochtans al hadden uitgedokterd dat ze toch nooit zou winnen. Er is maar één ding nog meer vernederend dan gejureerd worden, en dat is, inderdaad, zelf jury spelen. Met enige trots mag ik merken, allergisch te zijn voor macht. Al ging het dan maar om een prijs van 270 euro. Wat voor knarsende wroeginggevoelens moeten er niet worden doorstaan door al die arme cultuurfunctionarissen, die beslissen moeten wie er overheidssubsidies krijgt en wie niet...



Lieve Vital,
ik wilde dat ik kon schrijven zoals jij
Marleen
Geplaatst door: marleen moons | 25-10-07 om 16:18